Één week na de late sneeuwval van zondag 15 februari is de paddentrek volop op gang gekomen. Amfibieën trekken massaal naar hun geboortepoel om zich voort te planten. Dat is niet zonder risico: vaak moeten ze daarbij meerdere straten oversteken, zoals rond de Kraenepoel in Aalter. Gelukkig zorgt het gemeentebestuur, samen met vrijwilligers, natuurgidsen en scholen, voor een veilige oversteek. Langs de wegen worden schermen geplaatst en emmers ingegraven. Amfibieën volgen zo’n obstakelwand en vallen in de emmers. Elke ochtend worden de emmers gecontroleerd en worden de dieren veilig aan de overkant van de rijweg uitgezet.
Een bijkomend gevaar vormen rioolroosters, waarin amfibieën vaak terechtkomen zonder er nog uit te kunnen klimmen. Vorig jaar werden in de Lotenhullestraat in enkele dagen tijd 422 amfibieën uit de straatkolken gehaald. Om dit probleem te voorkomen, plaatste de gemeente dit jaar preventieve antivalroosters. Na de paddentrek worden die weer verwijderd, omdat bladeren, takken en ander materiaal de waterafvoer kunnen hinderen.
Na de voortplanting keren de amfibieën geleidelijk terug naar het bos en lopen ze opnieuw het risico in rioolroosters te vallen. In de zomer volgt bovendien een piek wanneer jonge amfibieën de vijver verlaten. Om deze dieren beter te beschermen, test het Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei momenteel verschillende types amfibietrappen in de rioolkolken rond de Kraenepoel.
Een permanente oplossing is er nog niet: het onderzoek moet uitwijzen welke trappen het meest geschikt én haalbaar zijn voor de lokale straatkolken. Op basis van deze resultaten wordt samen met de gemeente bekeken welk type uiteindelijk al dan niet structureel zal worden geïnstalleerd.
Er wordt getest met een hoektrap, ontwikkeld door onderzoekers van RAVON (Reptielen, Amfibieën en Vissen Onderzoek Nederland) en de Nederlandse producent TBS-SVA. Daarnaast wordt een speciale uitklimmat getest, ontwikkeld door RAVON en de ACO Group, een internationale speler in afwateringstechnologie.
Omdat deze systemen oorspronkelijk ontwikkeld zijn voor Nederlandse straatkolken, wordt hun efficiëntie nu getest op Belgische kolken, die vaak andere vormen en afmetingen hebben. Alleen al in de Lotenhullestraat komen vier verschillende types straatkolken voor. Met dit onderzoek wil men nagaan welke amfibietrap het best werkt voor de diverse soorten straatkolken en hoe deze geïnstalleerd kunnen worden.